Q.01

Wat moet er op een cosmetica-etiket staan?

Op elk cosmetisch product in de EU moeten zeven verplichte vermeldingen staan (artikel 19, lid 1, van de Cosmeticaverordening (EG) nr. 1223/2009). Het gaat om verantwoordelijke persoon, nominale inhoud, houdbaarheid, voorzorgsmaatregelen, batchnummer, functie en ingrediëntenlijst. Ze moeten in onuitwisbare, goed leesbare en zichtbare letters op de recipiënt en de verpakking staan [1]. Verkoopt u in Nederland, dan moet een deel daarvan ook in het Nederlands [2].

Approach: Ik heb de huidige geconsolideerde tekst van de Cosmeticaverordening gelezen en de etiketteringschecklist van de NVWA. De tekst van het Warenwetbesluit cosmetische producten 2011 zelf heb ik niet geopend. Wat hieronder over Nederland staat, komt van de NVWA.

Verplichte vermeldingen (art. 19, lid 1)

Alles hieronder staat in [1], tenzij anders vermeld.

VermeldingBelangrijkste details
(a)Naam of geregistreerde naam en adres van de verantwoordelijke persoonAfkorten mag, als de persoon en het adres herkenbaar blijven. Bij meerdere adressen moet het adres waar het productinformatiedossier beschikbaar is worden "highlighted". Bij geïmporteerde producten moet ook het land van oorsprong erop.
(b)Nominale inhoud bij verpakking, in gewicht of volumeNiet verplicht bij verpakkingen onder 5 g of 5 ml, gratis monsters en verpakkingen voor eenmalig gebruik. Bij producten die per stuk worden verkocht volstaat het aantal stuks.
(c)Datum van minimale houdbaarheidMet het zandloper-symbool (bijlage VII, punt 3) of "ten minste houdbaar tot einde". Vermeld maand en jaar, of dag, maand en jaar. Is het product meer dan 30 maanden houdbaar, dan geeft u in plaats daarvan de houdbaarheid na opening aan met het "open potje"-symbool (bijlage VII, punt 2) plus het aantal maanden en/of jaren.
(d)Bijzondere voorzorgsmaatregelen bij gebruikIn elk geval de waarschuwingen uit de bijlagen III tot en met VI, en eventuele waarschuwingen voor professioneel gebruik.
(e)Batchnummer of een referentie om het product te identificerenIs het product te klein, dan mag dit alleen op de verpakking.
(f)Functie van het productNiet nodig als de functie al blijkt uit de presentatie.
(g)Ingrediëntenlijst, voorafgegaan door "ingredients"Mag alleen op de verpakking staan. Parfum en aroma vermeldt u als "parfum" of "aroma". Stoffen waarvoor bijlage III dat in de kolom "Other" eist, zoals de te vermelden allergenen, moeten er daarnaast apart in staan.

Regels voor de ingrediëntenlijst

  • Volgorde: op aflopend gewicht op het moment van toevoegen. Ingrediënten onder 1 % mogen in willekeurige volgorde na de ingrediënten boven 1 % [3].
  • Nanomaterialen: de naam moet gevolgd worden door "(nano)" [3].
  • Kleurstoffen:
    • Kleurstoffen die geen haarverf zijn mogen achteraan, in willekeurige volgorde.
    • Bij decoratieve cosmetica in meerdere tinten mag u alle tinten van de reeks vermelden met "may contain" of "+/-".
    • Gebruik de CI-nomenclatuur waar die van toepassing is. [3]
  • Namen: gebruik de gemeenschappelijke ingrediëntnaam uit de glossary van artikel 33 [3]. De NVWA noemt dat de INCI-naam en verwijst naar CosIng [2].
  • Wat geen ingrediënt is: onzuiverheden in grondstoffen en technische hulpstoffen die niet in het eindproduct zitten [1].

Uitzonderingen bij plaatsgebrek (art. 19, leden 2 tot en met 4)

Bron: [3]

  • Waarschuwingen (d) en ingrediënten (g) passen er niet op: zet ze in een bijsluiter, op een etiket, label, kaart of tag. Verwijs daarnaar met het "hand-met-boek"-symbool (bijlage VII, punt 1), tenzij dat onuitvoerbaar is.
  • Zeep, badballen en andere kleine producten: de ingrediëntenlijst mag op een kennisgeving direct naast de bak waarin het product te koop ligt.
  • Niet-voorverpakte producten: daarvoor stelt de lidstaat de regels vast.

Taal in Nederland

Volgens artikel 19, lid 5, bepaalt het recht van de lidstaat de taal van inhoud, houdbaarheid, voorzorgsmaatregelen en functie [3]. Brengt u een product in Nederland op de markt, dan moeten volgens de NVWA deze vermeldingen ook in het Nederlands op het etiket staan [2]:

  • functie
  • gebruiksaanwijzing
  • waarschuwingen of bijzondere maatregelen
  • inhoud
  • houdbaarheid

Claims op het etiket (art. 20)

  • Tekst, namen, merken of afbeeldingen mogen niet suggereren dat het product eigenschappen of functies heeft die het niet heeft.
  • "Niet op dieren getest" mag alleen als de fabrikant en zijn leveranciers geen dierproeven hebben gedaan of laten doen op het eindproduct of de ingrediënten. [4]

De NVWA verwijst voor claims ook naar Verordening (EU) 655/2013 en, voor Nederlandse bedrijven, naar de Reclamecode Cosmetische Producten [5].

Wie is verantwoordelijk

De etiketteringsregels gelden voor alle marktpartijen: fabrikanten, importeurs en distributeurs [2]. Voor spuitbussen komen daar volgens de NVWA de eisen van de Europese aerosolenrichtlijn bij [2].

Stuurt u een concept-etiket of de INCI-lijst, dan kan ik controleren welke waarschuwingen uit de bijlagen III tot en met VI erop moeten.

Q.02

Hoe vermeld ik ingrediënten en houdbaarheid?

Ingrediënten zet u op de verpakking (op de recipiënt mag ook) als lijst die begint met het woord "ingredients", in aflopende volgorde van gewicht en met de gemeenschappelijke ingrediëntnamen (INCI). Houdbaarheid geeft u aan met een datum van minimale houdbaarheid na het zandlopersymbool of na "best used before the end of". Is het product meer dan 30 maanden houdbaar, dan vermeldt u in plaats daarvan het "open potje"-symbool met de houdbaarheid na opening. Beide regels staan in artikel 19 van Verordening (EG) nr. 1223/2009 [1][3].

Approach: Ik heb artikel 19, artikel 33 en bijlage VII gelezen in de huidige geconsolideerde tekst van de Cosmeticaverordening, en de etiketteringschecklist van de NVWA. De aanhalingen hieronder komen uit de Engelse versie van de verordening.

Ingrediëntenlijst (art. 19, lid 1, onder g, en leden 2, 3 en 6)

Plaats en kop

  • De lijst "may be indicated on the packaging alone" en "shall be preceded by the term 'ingredients'" [1].

Wat telt als ingrediënt

  • Elke stof of elk mengsel dat bij de productie bewust in het product wordt gebruikt.
  • Geen ingrediënt zijn onzuiverheden in de grondstoffen en technische hulpstoffen die niet in het eindproduct zitten. [1]

Volgorde

  • Op aflopend gewicht op het moment dat het ingrediënt aan het product wordt toegevoegd.
  • Ingrediënten onder 1 % "may be listed in any order" na de ingrediënten boven 1 %. [3]

Namen

  • U "shall" de gemeenschappelijke ingrediëntnaam gebruiken uit de glossary van artikel 33. Bestaat die niet, dan gebruikt u een term uit een algemeen aanvaarde nomenclatuur [3].
  • De Commissie houdt bij die glossary rekening met internationaal erkende nomenclaturen, waaronder INCI. De glossary is geen lijst van toegestane stoffen [6].
  • De NVWA zegt dat u de INCI-naam moet gebruiken. Zij verwijst naar CosIng van de Europese Commissie en noemt "EU Verordening 2022/677", met de kanttekening dat die lijst om de 10 jaar wordt bijgewerkt [2].

Bijzondere gevallen

  • Parfum en aroma: parfum- en aromasamenstellingen en hun grondstoffen vermeldt u als "parfum" of "aroma". Stoffen die volgens de kolom "Other" van bijlage III vermeld moeten worden, zet u daarnaast apart in de lijst [1].
  • Nanomaterialen: de naam van het ingrediënt wordt gevolgd door "(nano)" [3]. De NVWA geeft als voorbeeld "zinc oxide (nano)" [2].
  • Kleurstoffen:
    • Kleurstoffen die niet bedoeld zijn om haar te kleuren, mogen in willekeurige volgorde na de overige ingrediënten.
    • Bij decoratieve cosmetica in meerdere tinten mag u alle kleurstoffen van de hele reeks vermelden, mits u "may contain" of "+/-" toevoegt.
    • De CI-nomenclatuur (Colour Index) "shall be used, where applicable". [3]

Als de lijst niet op de verpakking past [3]

  • Zet de lijst op een bijgevoegde of bevestigde bijsluiter, label, tape, tag of kaart.
  • Verwijs daarnaar op de verpakking met verkorte informatie of het symbool van bijlage VII, punt 1, tenzij dat onuitvoerbaar is.
  • Bij zeep, badballen en andere kleine producten mag de lijst op een kennisgeving direct naast de bak waarin het product te koop ligt.

Taal

  • Artikel 19, lid 5, laat de taal van de ingrediëntenlijst (punt g) niet aan de lidstaat over [3].
  • Ook in de lijst van de NVWA met vermeldingen die in het Nederlands moeten, staan de ingrediënten niet [2].

Houdbaarheid (art. 19, lid 1, onder c)

Houdbaarheid van 30 maanden of korter: datum van minimale houdbaarheid

  • Dit is de datum tot wanneer het product, als het goed wordt bewaard, zijn oorspronkelijke functie blijft vervullen en aan artikel 3 blijft voldoen.
  • Voor de datum, of voor de aanwijzing waar die op de verpakking staat, komt het symbool van bijlage VII, punt 3 (zandloper), of de woorden "best used before the end of". In Nederland moet de houdbaarheid ook in het Nederlands staan [2]. De NVWA gebruikt de formulering "ten minste houdbaar tot".
  • Notatie: maand en jaar, of dag, maand en jaar, in die volgorde.
  • Zo nodig vult u dit aan met de bewaarcondities die nodig zijn om de opgegeven houdbaarheid te garanderen. [1]

Houdbaarheid van meer dan 30 maanden: houdbaarheid na opening

  • De datum van minimale houdbaarheid is dan niet verplicht.
  • In plaats daarvan "there shall be" een vermelding van de periode na opening waarin het product veilig gebruikt kan worden. U geeft die aan met het symbool van bijlage VII, punt 2 ("period-after-opening"), gevolgd door de periode in maanden en/of jaren.
  • Dit hoeft niet als houdbaarheid na opening voor het product niet relevant is. [1]
  • De NVWA noemt dit het "open potje"-symbool. "12M" betekent 12 maanden houdbaar na openen [7].

Symbolen in bijlage VII [8]

PuntSymbool voor
1Verwijzing naar bijgevoegde of bevestigde informatie
2Houdbaarheid na opening (period-after-opening)
3Datum van minimale houdbaarheid

Plaats op het product

  • Anders dan de ingrediëntenlijst moet de houdbaarheid zowel op de recipiënt als op de verpakking staan, in onuitwisbare, goed leesbare en zichtbare letters [1].

Stuurt u een concept-INCI-lijst, dan kan ik nagaan welke stoffen uit bijlage III apart vermeld moeten worden naast "parfum" of "aroma".

Q.03

Welke claims mag ik op cosmetica gebruiken?

De EU heeft geen lijst met toegestane claims voor cosmetica. U mag elke claim gebruiken, mits die voldoet aan artikel 20 van Verordening (EG) nr. 1223/2009 en aan de zes gemeenschappelijke criteria van Verordening (EU) nr. 655/2013. Artikel 20 verbiedt teksten, namen, merken, afbeeldingen of andere tekens die suggereren dat het product kenmerken of functies heeft die het niet heeft [4]. De criteria "should not aim at defining and specifying the wording" van claims [9].

Approach: Ik heb artikel 20 gelezen in de huidige geconsolideerde Cosmeticaverordening, Verordening 655/2013 en het technisch document over cosmetische claims van de Commissie (3 juli 2017, niet juridisch bindend). Daarnaast heb ik de NVWA-pagina's over claims gelezen. De Nederlandse Reclamecode Cosmetische Producten zelf heb ik niet geopend.

Wat telt als claim, en wie is verantwoordelijk

  • Wat als claim telt: Verordening 655/2013 geldt voor claims in teksten, namen, handelsmerken, afbeeldingen en andere tekens die productkenmerken of -functies "explicitly or implicitly" overbrengen. Dat geldt op het etiket, bij het op de markt aanbieden en in reclame, "irrespective of the medium" en ongeacht de doelgroep (art. 1).
  • Wie verantwoordelijk is: de verantwoordelijke persoon "shall ensure" dat de claim voldoet aan de criteria. De claim moet ook kloppen met het bewijs in het productinformatiedossier van artikel 11 (art. 2).
  • Andere regels: de criteria gelden naast de richtlijn oneerlijke handelspraktijken 2005/29/EG en de richtlijn misleidende en vergelijkende reclame 2006/114/EG (overweging 5). [9]

De zes gemeenschappelijke criteria (bijlage bij 655/2013)

Bron: [9]

CriteriumKern (de verordening gebruikt steeds "shall")
1. Wettelijke conformiteitGeen claims dat een bevoegde EU-autoriteit het product heeft goedgekeurd. Geen claims die alleen het voldoen aan wettelijke minimumeisen als voordeel voorstellen. Maatstaf is de gemiddelde eindgebruiker.
2. WaarheidsgetrouwheidEen geclaimd ingrediënt moet "deliberately present" zijn. Eigenschappen van een ingrediënt mag u niet aan het eindproduct toeschrijven als het product die eigenschappen niet heeft. Meningen mogen niet worden voorgesteld als geverifieerde claims.
3. BewijsExpliciete en impliciete claims moeten worden onderbouwd met "adequate and verifiable evidence", volgens de stand van de techniek. Hoe zwaarder de claim, hoe meer bewijs nodig is, vooral als gebrek aan werkzaamheid een veiligheidsprobleem kan geven. Duidelijke overdrijving (hyperbool) en abstracte uitspraken hoeven niet onderbouwd te worden.
4. EerlijkheidNiet verder gaan dan het bewijs. Geen "unieke" eigenschappen claimen die vergelijkbare producten ook hebben. Werkt het product alleen onder bepaalde voorwaarden, zoals in combinatie met een ander product, dan moet dat duidelijk vermeld worden.
5. BillijkheidObjectief zijn. Concurrenten en legaal gebruikte ingrediënten niet zwartmaken. Geen verwarring met een product van een concurrent veroorzaken.
6. Geïnformeerde keuzeDuidelijk en begrijpelijk voor de gemiddelde eindgebruiker en voor de doelgroep.

Voorbeelden uit het technisch document van de Commissie

Deze richtsnoeren zijn niet bindend, maar zo leggen de autoriteiten de criteria uit.

  • Niet toegestaan: "this product complies with provisions of the EU cosmetics legislation". Ook geen CE-markering, behalve bij producten die tegelijk onder de speelgoedwetgeving vallen. Ook niet: "does not contain hydroquinone" op huidverzorging, omdat die stof daarvoor verboden is [10].
  • "Vrij van"-claims [11][12]:
    • niet voor stoffen die al verboden zijn, zoals "free from corticosteroids";
    • niet "free from formaldehyde" als er een formaldehydeafsplitser in zit;
    • niet "free from allergenic/sensitizing substances";
    • niet "free from preservatives" als een ingrediënt dat niet in bijlage V staat (bijvoorbeeld alcohol) het product beschermt. Een uitzondering is mogelijk met challengetests;
    • niet "free from perfume" als een ingrediënt een parfumerende functie heeft;
    • "free from parabens" "should not be accepted", omdat dat legaal gebruikte ingrediënten zwartmaakt;
    • niet als het ingrediënt in dat soort product normaal toch niet wordt gebruikt.
  • "Hypoallergeen": alleen als het product is ontworpen om het allergene potentieel zo klein mogelijk te maken, met robuuste data die dat aantonen. Bekende allergenen moeten "totally avoided" worden, waaronder huidsensibilisatoren van categorie 1, 1A of 1B volgens CLP. Ook dan mag het product niet de indruk geven dat er geen enkel risico op allergie is [13].
  • Testclaims [14]:
    • "dermatologically tested": getest op mensen onder toezicht van een dermatoloog. Zelfbeoordelingsonderzoek bij consumenten is daarvoor niet geschikt;
    • "clinically tested": getest volgens een klinisch protocol of in een klinische setting;
    • "tolerance tested" en "tested under medical supervision" hebben elk een eigen definitie;
    • consumenten verwachten dat zulke claims alleen worden gebruikt als de resultaten gunstig waren.
  • Bewijs: experimentele studies, consumentenpercepties of gepubliceerde gegevens, of een combinatie daarvan. Studies moeten een gevalideerd protocol, gekwalificeerd personeel en een passende statistische analyse hebben [15].

"Niet op dieren getest" (art. 20, lid 3)

Deze claim "may" de verantwoordelijke persoon alleen gebruiken als de fabrikant en zijn leveranciers geen dierproeven hebben gedaan of laten doen op:

  • het eindproduct;
  • het prototype;
  • de ingrediënten.

Ze mogen ook geen ingrediënten hebben gebruikt die door anderen op dieren zijn getest om nieuwe cosmetische producten te ontwikkelen [4].

Nederland

  • De NVWA verwijst naar de Cosmeticaverordening en Verordening 655/2013. Nederlandse bedrijven volgen daarnaast, volgens onderlinge afspraak, de Nederlandse Reclamecode Cosmetische Producten (RCP) [5].
  • De NVWA handhaaft hier ook op. Een voorbeeld is de SPF op zonnebrandmiddelen, die zij als claim onder 655/2013 behandelt. Weken de in vivo gemeten waarden af van het etiket, dan voldeed de fabrikant volgens de NVWA niet aan de wettelijke eisen en trad zij op volgens haar interventiebeleid [16].

Stuurt u de claims die u wilt gebruiken, met het bewijs dat u ervoor hebt? Dan toets ik ze per criterium.

Q.04